De Wannsee 'Villa Marlier', Berlijn
- INLEIDING - 'De Kracht Van Propaganda'
Ben Ali Libi
Op een lijst van artiesten, in de oorlog vermoord,
staat een naam waarvan ik nog nooit had gehoord,
dus keek ik er met verwondering naar:
Ben Ali Libi. Goochelaar.
Met een lach en een smoes en een goocheldoos
en een alibi dat-ie zorgvuldig koos,
scharrelde hij de kost bij elkaar:
Ben Ali Libi, de goochelaar.
Toen vonden de vrienden van de Weduwe Rost
dat Nederland nodig moest worden verlost
van het wereldwijd joods-bolsjewistisch gevaar.
Ze bedoelden natuurlijk die goochelaar.
Wie zo dikwijls een duif of een bloem had verstopt,
kon zichzelf niet verstoppen, toen er hard werd geklopt.
Er stond al een overvalwagen klaar
voor Ben Ali Libi, de goochelaar.
In 't concentratiekamp heeft hij misschien
zijn aardigste trucs nog wel eens laten zien
met een lach en een smoes, een misleidend gebaar,
Ben Ali Libi, de goochelaar.
En altijd als ik een schreeuwer zie
met een alternatief voor de democratie,
denk ik: jouw paradijs, hoeveel ruimte is daar
voor Ben Ali Libi, de goochelaar.
Voor Ben Ali Libi, de kleine schlemiel,
hij ruste in vrede, God hebbe zijn ziel.
Willem Wilmink
Michel Velleman, alias Ben-Ali-Libi humoristisch goochelaar
(In de ogen van Nazi's een gevaar voor de mensheid,...)
Michel Velleman (1895-1943), alias Ben-Ali-Libi, was een Nederlandse goochelaar en illusionist. Hij woonde met vrouw en kinderen op het Merwedeplein in de Rivierenbuurt in Amsterdam. Tijdens de grote razzia van juni 1942 werd de Joodse Velleman en zijn vrouw en dochter opgepakt, zijn zoon was niet aanwezig en ontsnapte de dans. Velleman, zijn vrouw en dochter verbleven een jaar in Kamp Westerbork waarna ze naar vernietigingskamp Sobibór in Polen werden getransporteerd en waar ze bij aankomst op 2 juli 1943 direct naar de gaskamer gingen.
Waarom begint dit artikel met het beroemde gedicht van Willem Wilmink? Het is een aanzet tot het aantonen wat propaganda teweeg kan brengen. Met de opkomst van de Nationalsozialistische Deutsche Arbeiterspartei (NSDAP) vanaf 1920, waarvan de leden Nazi’s werden genoemd, werd ook de propaganda machine in werking gezet. In 1926 begon Propagandaminister Joseph Goebbels zijn campagne om Duitsland te hersenspoelen met de ideeën van Adolf Hitler. Hiertoe werden alle moderne middelen van die tijd ingezet. In 1932, vóór de verkiezingen, nam Goebbels een donderpreek op tegen de toen huidige regering. Deze werd verspreid door middel van 10.000 grammofoonplaatjes. Maar vooral de radio bleek een machtig instrument te zijn. Om zoveel mogelijk Duitsers te bereiken werd een goedkope versie geproduceerd. Deze Volksempfänger kon door iedere arbeider aangekocht worden voor twee weeksalarissen. In 1935 zouden volgens Goebbels reeds 56 miljoen Duitsers de ‘inspirerende toespraken’ van Hitler kunnen beluisteren.
Joseph Goebbels zorgde dat met de Volksempfänger de toespraken overal gehoord konden worden
Ook in de bioscopen waar de mensen hun vermaak en verstrooiing zochten in de donkere dertiger jaren van de vorige eeuw, werd het volk vooral gewag gemaakt hoe geweldig Hitler Duitsland weer groot zou maken. De blamage van het verlies na de Eerste Wereldoorlog moest worden weggepoetst, het voor Duitsland zeer slechte Verdrag van Versailles diende te worden verscheurd. Op 7 maart 1936 marcheerden Duitse troepen het Rijnland binnen. Een gebied dat na de Eerste Wereldoorlog een buffer in Duitsland, onder controle van Geallieerde troepen, tussen Frankrijk en België was. Het gebied werd voornamelijk door Frankrijk bewaakt, met ook uit Senegal afkomstige zwarte soldaten. Dit was koren op de molen voor de Nazi partij die dit gebruikten in hun propaganda. De separatisten die het Rijnland een aparte republiek wilden geven, werden niet gesteund door de Nazi’s. Nadat de Geallieerden waren vertokken in 1930, werd er een volksstemming gehouden in 1935, wat zou leiden tot het inlijven van het Rijnland in 1936. Er werd even afwachtend gekeken hoe Engeland en Frankrijk zouden reageren, maar toen een reactie uitbleef, was de eerste stap gezet om ook vervolgens Oostenrijk en Tsjecho-Slowakije te annexeren. De Olympische Spelen van augustus 1936, vier maanden na de Rijnland affaire, werden ook nog eens een groot succes, werd de reclame voor het oplevende Duitsland wereldwijd verspreidt. De 'rassen-politiek' was in deze periode al een belangrijk onderdeel van de NSDAP om van Duitsland een 'ras-zuivere' natie te maken. In 1937 bijvoorbeeld werden de enige honderden kinderen van Duitse moeders en donker-Afrikaanse Franse soldaten uit het Rijnland door de nazi's onder dwang gesteriliseerd.
Führer Adolf Hitler en Minister van Propaganda Joseph Goebbels
In het boek ’Mein Kampf’ beschreef Hitler zijn idee over hoe Duitsland het sterkst zou zijn als het ras zuiver zou zijn, het ‘arische’ ras zou superieur zijn. Hiertoe was het dus nodig dat alleen ‘gezonde mensen’ kinderen zouden krijgen die dit waarborgden. Tijdens toespraken van Hitler en Goebbels werd voordurend gehamerd op hoe de Arische mens een groots Duitsland zouden voortbrengen. Met klem werd gewezen op het Bolsjewisme, hoe dit Duitsland kon ondermijnen, en met name de Joden moesten het ontgelden. Ook de intellectuelen kregen er van langs, want deze doorzagen de ophitsende taal van de NSDAP. Hitler mocht graag professoren, schrijvers en kunstenaars bespotten, want kleineren dat begreep het gewone volk beter. Op scholen werd onderricht gegeven via lesboeken waarin gezonde blonde kinderen vol energie optraden. En er werd vooral aandacht gegeven dat Joden een gevaar waren voor de Ariër. In 1935 werden de 'Rassenwetten van Neurenberg', waarin werd vastgelegd dat Joden in hun doen en laten werd beperkt. Kinderen lazen vanaf 1938 het boek ’Der Giftpilz’, van Ernst Hiemer, met op de kaft een afbeelding van een paddenstoel welke de karakteristiek Joodse baard heeft en een Davidster, puur ter afschrikking,…
’Der Giftpilz’ een 'giftig' kinderboek waarin werd verteld dat Joden dieven waren, leugenaars en moordenaars,... en wat vooral hun uiterlijke kenmerken waren,...
De haat voor de Jood werd dus al van jongs af aan gepropagandeerd, zodat deze voor de toekomst goed geworteld zou zijn bij de Duitser. Kinderen konden zelfs met het bordspel 'Juden Raus' zich vermaken, het doel was om dorpen te zuiveren van Joden. De Joden haat werd via de radio, bioscoop journaals en speelfilms, en via posters verspreid. Ondanks dat het nog geen één procent van de Duitse bevolking bedroeg, werden de Joden als inhalige schurken afgeschilderd. Hitler wond er in zijn toespraken geen doekjes om, door te schreeuwen tegen zijn luisteraars dat 'de Joden samen met het Bolsjewisme een anti-Duitse beweging vertegenwoordigen en dat ze verantwoordelijk waren voor het internationale kapitalisme, ze kunnen alleen maar liegen en bedriegen,... en wij moeten hen daarnaar behandelen,...'. De Joden werden door de NSDAP de schuld gegeven voor de erome economische crisis waarin Duitsland gestort was na de Eerste Wereldoorlog.
- Kristallnacht, 9 november 1938 -
Rond 1937 kwam naar buiten dat de Minister van Propaganda, Goebbels, een buitenechtelijke verhouding had met de Tsjechische actrice Lída Baarová. Dit schandaal bracht Hitler ook in verlegenheid, en de relatie tussen Hitler en Goebbels bekoelde in die periode. Maar er kwam ‘redding’ uit onverwachte hoek. Hitler vond de ‘ontjoding’ niet snel genoeg gaan, en gaf op 18 oktober 1938 het bevel dat 12.000 Pools-Duitse, vaak illegaal verblijvende, binnen een dag Duitsland moesten verlaten. Met slechts één koffer trokken deze Joden naar de Poolse grens waar 4000 werden toegelaten. De andere 8000 moesten wachten in erbarmelijke omstandigheden en afwachten. Onderwijl werden hun woningen in Duitsland door buren leeggeroofd of vielen in handen van Nazi’s.
Lída Baarová (het schandaal) en Herschel Grynszpan (redder van Goebbels)
De op dat moment in Parijs woonachtige Herschel Grynszpan hoorde hoe zijn familie uit Hannover was gejaagd richting Polen. Met woede vervuld, ging Herschel op 7 november naar de Duitse ambassade te Parijs en schoot daar de Duitse diplomaat Ernst vom Rath neer die vijf dagen later aan zijn verwondingen overleed. Toen dit bericht Joseph Goebbels bereikte, zag hij zijn kans schoon om weer bij Hitler een goede beurt te maken. Op 8 november 1938 werden alle Joodse kranten en tijdschriften verboden, tevens werd ook afgekondigd dat Joodse kinderen niet meer werden toegelaten tot Duitse (Arische) scholen en dat alle Joodse culturele activiteiten werden opgeschort. Hitler gaf op 9 november 1938, toestemming aan Goebbels om geweldacties tegen de Joden te organiseren. De datum 9 november was ook de herdenking van de mislukte staatsgreep van Hitler in 1923. Hitler sprak met Goebbels onderweg naar de herdenking in München over de reeds ongeregeldheden die daar plaatsvonden tegen Joden. Goebbels had politie opdracht gegeven niet in te grijpen. Nadat Hitler om 21.30 uur de bijeenkomst in het raadhuis had verlaten hield Goebbels, als Gauleiter van Berlijn, om 22.00 uur een toespraak. Goebbels begon met de mededeling dat Vom Rath was overleden aan de gevolgen van schotwonden en vervolgde: ‘Moet ik u vertellen tot welk ras het vuile zwijn behoorde dat deze lage misdaad heeft begaan? Een Jood!,… En het is niet alleen de schuld van Grynszpan dat Vom Rath is gestorven, het gehele Jodendom is verantwoordelijk!’. Vervolgens riep Goebbels de aanwezigen op deze aanval van het internationale Jodendom niet onbeantwoord te laten, iedereen moest wraak nemen! Gezamenlijk moesten ze een antwoord (lees wraak) zoeken voor deze moord en de dreiging die het internationale Jodendom voor het roemrijke Duitse Rijk betekende. Met deze aanmoediging zou een aanval op de Joodse bevolking niet lang op zich laten wachten.
De Joodse synagoge aan de Boemestrasse in Frankfurt gaat in vlammen op
Na de toespraak ging Goebbels in conclaaf met andere Gauleiter en leiders van de Sturmabteilung (SA) dat de Joden middels rellen en vernielingen aangepakt moesten worden. Door heel Duitsland rinkelden de telefoons om lokale SA troepen te instrueren. Geholpen door burgers werden ruiten ingeslagen, huizen en winkels in brand gestoken. Ook moesten Joodse begraafplaatsen het ontgelden en de heilige huizen van de Joden, de synagogen werden in brand gestoken. Gauleiter, en Minister van Propaganda, Goebbels gaf persoonlijk opdracht om de synagoge, gelegen aan de Fasanenstrasse in Berlijn, in de brand te steken.
Rond 23.00 uur werd Reinhard Heydrich, hoofd van de Sicherheitspolizei (SiPo) en de Sicherheitsdienst (SD) op de hoogte gesteld wat zich begon te ontwikkelen in Duitsland. Heydrich nam direct contact op met zijn chef, Heinrich Himmler, hoe de Sturmabteilung (SS) en de politiediensten hiermee om moesten gaan. Himmler, die bij Hitler was op dat moment en er met hem overleg over voerde, besloot dat de SS zich erbuiten hield, wanorde was iets voor de volkse SA en de politie afdelingen zouden niet ingrijpen. Niet alleen in Duitsland woedde de 'Kristallnacht', ook in Oostenrijk werden Joodse bezittingen vernield en in brand gestoken.
Trots poseren de Nazi's bij de ingeslagen ruiten van deze leeggeroofde winkel
Kort na de Kristallnacht maakte Hitler persoonlijk een einde aan de buitenechtelijke verhouding van twee jaar tussen Goebbels en de Slavische, en dus 'minderwaardige' actrice Baarová. Zij werd naar Praag verbannen en leefde daar onder constante observatie van de Gestapo. Daarme kwamen de overspel activiteiten van Goebbels trouwens niet tot een einde. Hij bleef met jonge actrices erotische afspraken maken en stond als zodanig bekend als de Bok van Babelsberg, een locatie waar de UFA film studio’s stonden.
De zogenaamde ‘aanstichter’ van de Kristallnacht, Herschel Grynszpan, werd gevangen gezet in de jeugdgevangenis in Fresnes. Duitsland wilde dat hij werd uitgeleverd, maar de socialistische premier van Frankrijk, Léon Blum, de eerste Joodse premier, hield dit tegen. Er werd internationaal 30.000 dollar ingezameld voor zijn verdediging. Nadat de Duitsers Frankrijk binnenvielen in 1940, werd op 18 juli van dat jaar Grynszpan naar Duitsland overgebracht en zou later in het concentratiekamp Sachsenhausen zijn ‘verdwenen’. In 1960 verklaarde de Duitse overheid Grynszpan officieel dood. De ouders van Herschel emigreerden vanuit de Soviet-Unie naar Israël en zouden in 1961 getuigen tegen de Duitse oorlogsmisdadiger Adolf Eichmann,… een naam die we verder in dit artikel nog veelvuldig zullen tegenkomen,…
Tussen 1933 en 1937 verlieten in totaal zo’n 130.000 Joden het nationaalsocialistische Duitsland. Velen vertrokken naar Zuid-Afrika, Palestina en Latijns-Amerika. De Verenigde Staten waren ook een populaire bestemming, maar deze lieten wel migranten toe na een tijdrovende visum-aanvraag maar hadden geen duidelijk vluchtenlingen programma. Ook zochten sommigen hun toevlucht in Oost-Europa. Maar met de ‘Anschluss’ van Oostenrijk in maart 1938 en later Tsjecho-Slowakije, moesten de Joden weer verder vluchten. Met de 'Kristallnacht' wisten de Joden in Duitsland zeker, ze moesten dat land uit. Sommigen probeerden landen als Frankrijk, België en Nederland. Deze toestroom van Joden in de buurlanden was vaak verre van hartelijk. De haat voor Joden dreef als een giftige wolk over Europa. Een bekend voorbeeld is Otto Frank, de vader van de later wereldberoemd geworden dochter Anne,… Frank had reeds in 1933 Duitsland al verlaten om zich te vestigen in Nederland, om in Amsterdam de firma Opekta te beginnen, een filiaal van het in 1928 in Keulen gestichte moederbedrijf Opekta GmbH. Zijn vrouw en dochter Margot kwamen in december van dat jaar naar Amsterdam en in februari 1934 kwam ook Anne het gezin vervolmaken. Na de Kristallnacht probeerde Otto Frank tickets te krijgen voor Amerika of Cuba, maar dat lukte niet. Tot de Duitse inval in mei 1940 waren de Franks met 80.000 anderen Joden veilig in Amsterdam. Nederland telde bij de inval van de Duitsers 140.000 Joden (waarvan meer dan 75% vermoord zouden worden in vernietigingskampen).
De Joodse Wijk in Amsterdam
In Amsterdam-oost was een gebied dat bekend stond als de ‘Jodenhoek’. Op 11 februari 1941 werd het gebied met prikkeldraad afgesloten en werden de bruggen omhoog gehaald. Tevens werden er op ‘toegangsplaatsen’ borden neergezet met de tekst ‘Juden Viertel – Joodsche Wijk’. Maar er was een probleem, er woonden zeker 6000 mensen in dat gebied dat geen Jood was. Na een paar dagen werd op verzoek van het gemeentebestuur de versperringen weggehaald, bruggen neergelaten, al bleven de borden staan. Maar bij de gemeente werden wel op plattegronden aangegeven waar Joden woonden, en werden de Transvaalbuurt en de Rivierenbuurt respectievelijk als ‘Judenviertel II’ en ‘Judenviertel III' aangeduid. Vanwege de Duitse verordeningen verhuisden steeds meer Joden uit westelijk Nederland naar deze wijken. Dit zou het gemakkelijk maken op een later tijdstip deze massaal te kunnen deporteren,…
Klein verzet in Doorn,... het woordje NIET is wegepoetst,...
Om de Joden verder te stigmatiseren, bedacht Reinhartd Heydrich enkele maanden na de Kristallnacht, dat Joden een ‘gele ster’ moesten dragen op hun jas. Na de inval In Polen werd het dragen van de ster daar echt officieel vanaf 23 november 1939. Ook in Duitsland ging de verordening, vastgelegd als ‘Polizeiverordnung über die Kennzeichnung der Juden’, op 1 september 1941 van kracht. Vanaf 19 september 1941 moesten alle Joden vanaf 6 jaar oud de ster dragen.
De 'gele ster' van 4 cent,... en ondanks alles de moed erin houden
Het dragen tot de ‘gele ster’ werd in Nederland op 2 mei 1942 verplicht. Deze diende de drager zelf aan te schaffen voor vier cent per stuk. Bij het niet dragen van de ster stond een straf van zes maanden hechtenis of een geldboete van ten hoogste 1000 gulden.
Hoe verder de oorlog vorderde, werd het de Joodse burger steeds duidelijker dat de Duitsers van het Joodse volk af wilde. Geruchten dat er kampen waren waar Joden opgesloten en vermoord werden begonnen rond te dwalen. Sommige Joodse gezinnen die niet meer weg konden komen naar veilige landen, en met de door Duitsers aangekondigde deportaties, besloten onder te duiken. Onder hen was ook de familie Frank, deze ging op 6 juli 1942 'het achterhuis' in aan de Prinsengracht in Amsterdam,... en begon Anne aan haar dagboek,...
Op de volgende pagina het begin naar de 'definitieve oplossing',...
|